Veiligheid - blog Myra van Esch
Myra van Esch beschrijft veiligheid als een rode draad in haar carrière en als hoogste prioriteit voor de FNWI, waar veiligheid in het jaarplan voor 2027 bovenaan staat. Ze bespreekt fysieke, cyber-, kennis- en sociale veiligheid en benadrukt dat risico-inschatting, zorgvuldige kennisdeling en open gesprekken nodig zijn om veiligheid te combineren met werkbaarheid en academische vrijheid. De Radboud Universiteit wil onder meer intimidatie, discriminatie en pesten tegengaan en heeft vertrouwenspersonen en meldpunten; ook in laboratoria met apparatuur en gevaarlijke stoffen moet veilig werken het uitgangspunt zijn.
Veiligheid komt in vele vormen en maten. Voor mij is dit een rode draad in mijn hele carrière. Bij TNO Defensie en Veiligheid, bij Hoffmann en nu bij de Radboud Universiteit word ik dagelijks geconfronteerd met een grote diversiteit aan veiligheidsvraagstukken, van kennisveiligheid, fysieke veiligheid, cyberveiligheid tot sociale veiligheid.
In het jaarplan van FNWI hebben we veiligheid op de eerste plaats gezet van de doelen die we onszelf stellen voor 2027. Het verdient de hoogste prioriteit en is wat mij betreft niet onderhandelbaar.
Hoe we omgaan met veiligheid is wel iets waar we met elkaar over kunnen overleggen. Proportionaliteit speelt bijvoorbeeld een belangrijke rol. Je kunt alles achter slot en grendel opbergen. Dat is heel veilig, maar voor heel veel situaties absoluut onwerkbaar. Een risico-inschatting (hoe groot is de kans dat iets gebeurt en wat is de impact) is dan een waardevol instrument om mee te bepalen hoe te handelen. Het is zoeken naar een manier waarop je veiligheid als factor meeneemt in de besluiten die je neemt.
In een vorige functie hielpen wij klanten bij het inschatten van hun weerbaarheid tegen ‘kwaadwillenden’. We werden ingehuurd om zowel vanuit fysieke veiligheid als cyberveiligheid te testen hoe veilig een organisatie was, door op verschillende manieren binnen te komen (gewoon via de voordeur, maar ook bijvoorbeeld via de wifi of het netwerk). Vaak was de kamer van de CEO, of de mailbox van de financieel directeur een doelwit. Het voelde elke keer weer als een overwinning als het toch gelukt was om dat doel te bereiken. Dit lukte wel eens door gebruik te maken van de welwillendheid van medewerkers (‘Ik hoef echt alleen maar even iets af te geven’) of door mee naar binnen te lopen achter iemand aan die met een pas een deur opende. De aanbevelingen die we dan gaven gingen bijvoorbeeld over het maken van een moeilijker wachtwoord (tip: gebruik een lange zin uit een liedje dat je goed kunt onthouden en vervang de klinkers door getallen of leestekens), of het trainen van collega’s dat ze niet voor iedereen de deur moeten openhouden.
Een universiteit is in dat opzicht best complex. Naast fysieke veiligheid en cyberveiligheid, hebben we ook te maken met kennisveiligheid. We willen graag met zoveel mogelijk partijen samenwerken, vinden een open dialoog belangrijk en delen graag onze kennis en kunde, bijvoorbeeld in internationale projecten of publicaties. We proberen goede afspraken te maken met elkaar, ook in nationaal verband, hoe we onze kennis ‘veilig’ kunnen houden en wat we delen en wat liever niet (zomaar). We proberen te bepalen met wie we willen samenwerken en met wie liever niet, bijvoorbeeld door partijen te (laten) screenen. Door regelmatig met elkaar het gesprek aan te gaan en te evalueren hoe we omgaan met kennisdeling, kunnen we beter onze academische vrijheid bewaken.
Een laatste vorm van veiligheid, die wat mij betreft aan de basis ligt van alles, is sociale veiligheid. We hebben een actief beleid tegen intimidatie, discriminatie en pesten, plus een netwerk van vertrouwenspersonen en meldpunten waar medewerkers en studenten gebruik van kunnen maken. Een veilige campus kan de samenwerking en creativiteit bevorderen. Voor mij betekent dit vooral dat we met elkaar het gesprek moeten aangaan over hoe we elkaar ervaren, wat we wel of wat we niet prettig vinden. Dat is ontzettend spannend en vraagt dat je ook bereid bent naar jezelf en je eigen gedrag te kijken. Daar is moed voor nodig, reflectie en op een bepaalde manier ook zachtheid en ruimte naar elkaar toe. Omdat dit over gevoel gaat, cultuur en sociale interactie is dit niet makkelijk.
Het is vast wel duidelijk dat veiligheid voor mij een belangrijk thema is. En niet in de laatste plaats omdat een faculteit met labs, geweldig spannende apparatuur en gevaarlijke stoffen voor mij een nieuwe omgeving is. Mooi werk, dat veilig moet gebeuren. Dat moet het uitgangspunt zijn.
https://www.ru.nl/over-ons/nieuws/veiligheid-blog-myra-van-esch