| Datum | 13.10.2026 |
| Subjekt | Provincie Noord-Brabant |
| Region | Holandsko |
| Kategorie | Štátna správa a samospráva, Ekológia, Životné prostredie |
De luchtkwaliteit in Noord-Brabant blijft zich over het algemeen positief ontwikkelen. Uit de nieuwste RIVM-voortgangsrapportage van het Schone Lucht Akkoord blijkt dat de landelijke doelstelling van 50 procent gezondheidswinst door schonere lucht in 2030 binnen bereik is. Tegelijkertijd laten de resultaten zien dat extra inspanningen nodig blijven om ook aan de strengere Europese luchtkwaliteitsnormen van 2030 te voldoen.
Het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) concludeert in de derde voortgangsrapportage van het Schone Lucht Akkoord dat de gezondheidsschade door luchtvervuiling uit Nederlandse bronnen in 2030 naar verwachting met 55 procent is afgenomen ten opzichte van 2016, als alle afgesproken maatregelen volledig worden uitgevoerd. Daarmee ligt Nederland op koers om de gezamenlijke ambitie van het akkoord te behalen.
"We werken met gemeenten goed samen in het Schone Lucht Akkoord en zijn blij dat ook het Rijk ons hierin wil steunen." Gedeputeerde Hagar Roijackers (Natuur, Milieu, Aanpak Landelijk Gebied)
Provincie Noord-Brabant zet zich samen met Brabantse gemeenten en het Rijk actief in voor schonere lucht. Sinds 2021 zijn ongeveer zeventig provinciale maatregelen opgenomen in de Brabantse uitvoeringsagenda van het Schone Lucht Akkoord. Deze richten zich onder meer op mobiliteit, landbouw, industrie, binnenvaart, mobiele werktuigen en houtstook. Samen met Brabantse gemeenten zijn momenteel ongeveer 450 maatregelen, meer dan de helft van de afgesproken maatregelen, in uitvoering.
De inzet draagt niet alleen bij aan schonere lucht, maar ook aan een gezondere leefomgeving. De provincie streeft ernaar dat iedere Brabander in 2030 gemiddeld drie gezonde levensjaren extra kan ervaren.
Gedeputeerde Hagar Roijackers (Natuur, Milieu, Aanpak Landelijk Gebied): ‘We zijn een provincie die snel groeit en waar we veel willen en moeten doen. Denk aan meer woningen, meer defensieactiviteiten en meer economische bedrijvigheid. Tegelijkertijd willen we ook onze leefomgeving schoon, gezond en veilig houden. Dat gaat niet vanzelf. Goed weten en dus meten hoe het staat met de kwaliteit van onze lucht, water en bodem is daarom van belang. We werken met gemeenten goed samen in het Schone Lucht Akkoord en zijn blij dat ook het Rijk ons hierin wil steunen.’
De provincie laat de luchtkwaliteit continu meten bij vaste meetstations rond het industrieterrein Moerdijk, nabij de bedrijventerreinen Theodorushaven-Noordland-De Poort in Bergen op Zoom en in Ossendrecht.
Uit de meetresultaten over 2025 blijkt dat alle vaste meetstations ruim voldoen aan de huidige Europese grenswaarden voor fijnstof (PM10 en PM2,5), stikstofdioxide (NO2) en benzeen. Dat is positief nieuws voor inwoners van deze gebieden.
De strengere gezondheidsadvieswaarden van de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) worden echter nog niet overal gehaald. Alleen voor fijnstof PM10 liggen de gemeten concentraties rond de aanbevolen WHO-waarde.
De Europese Unie scherpt de luchtkwaliteitsnormen vanaf 2030 verder aan. Uit de Brabantse metingen blijkt dat voor stikstofdioxide, fijnstof PM10 en benzeen op alle meetlocaties al wordt voldaan aan deze toekomstige grenswaarden.
Voor fijnstof PM2,5 is het beeld genuanceerder. De jaargemiddelde concentraties liggen op alle meetlocaties onder de toekomstige norm. Op enkele locaties rondom Moerdijk en in Ossendrecht werd in 2025 echter vaker dan toegestaan de toekomstige daggrenswaarde overschreden. In Bergen op Zoom werd zowel aan de toekomstige jaar- als daggrenswaarde voldaan.
De meetgegevens laten rond Moerdijk en in Ossendrecht over het algemeen een stabiele tot dalende trend zien voor de belangrijkste luchtverontreinigende stoffen. In Bergen op Zoom wordt nog te kort gemeten om betrouwbare trends vast te stellen.
De metingen bevestigen ook dat industriële activiteiten invloed hebben op de lokale luchtkwaliteit. Vanuit de windrichting van het industrieterrein Moerdijk, de bedrijventerreinen Theodorushaven-Noordland-De Poort en het havengebied van Antwerpen is een meetbare bijdrage aan de concentraties fijnstof en stikstofdioxide in nabijgelegen woongebieden vastgesteld.
In Bergen op Zoom is daarnaast een bijdrage vanuit de windrichting van de bedrijventerreinen zichtbaar aan de gemeten benzeenconcentraties. De Omgevingsdienst Midden- en West-Brabant onderzoekt momenteel in opdracht van de gemeente welke bronnen hiervoor verantwoordelijk zijn.
Gedeputeerde Staten (GS) van Provincie Noord-Brabant benadrukken dat voortdurende monitoring noodzakelijk blijft. De luchtkwaliteit kan van jaar tot jaar verschillen door bijvoorbeeld weersomstandigheden. Bovendien worden de nieuwe Europese normen vanaf 2030 van kracht.
De provincie blijft daarom werken aan de uitvoering van het Schone Lucht Akkoord en zet de metingen op de vaste meetstations in ieder geval voort tot eind 2027. In 2028 volgt een nieuwe landelijke doorrekening van de voortgang richting de doelen van het Schone Lucht Akkoord.
Actuele meetgegevens zijn te volgen via brabantluchtmeetnet. De jaarlijkse meetrapportages worden gepubliceerd onder: Luchtkwaliteit
https://www.brabant.nl/actueel/nieuws/doel-schone-lucht-akkoord-binnen-bereik