<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?>
<tiskova_zprava>
    <titulek>Vorkstaartplevieren, een traan en het belang van zien</titulek>
    <datum>15.10.2026</datum>
    <subjekt>Staatsbosbeheer</subjekt>
    <autor>
        <jmeno>Mark Kras</jmeno>
        <email>westvoorden@staatsbosbeheer.nl</email>
        <telefon></telefon>
        <kontakt>&lt;div&gt; &lt;div&gt; &lt;span&gt; Over de auteur &lt;/span&gt; &lt;/div&gt; &lt;div&gt;  &lt;div&gt; &lt;div&gt; &lt;div&gt; &lt;span&gt;Mark Kras&lt;/span&gt; &lt;span&gt; Boswachter &lt;/span&gt; &lt;/div&gt; &lt;div&gt; &lt;div&gt; Boslaan 10-12 &lt;/div&gt; &lt;div&gt; 2594 NB Den Haag &lt;/div&gt;  westvoorden@staatsbosbeheer.nl  &lt;span&gt; 070-3851050  &lt;/span&gt; &lt;/div&gt;  &lt;/div&gt; &lt;div&gt;     &lt;/div&gt; &lt;/div&gt; &lt;/div&gt; &lt;/div&gt; &lt;div&gt; &lt;span&gt; Over de auteur &lt;/span&gt; &lt;/div&gt; &lt;div&gt;  &lt;div&gt; &lt;div&gt; &lt;div&gt; &lt;span&gt;Mark Kras&lt;/span&gt; &lt;span&gt; Boswachter &lt;/span&gt; &lt;/div&gt; &lt;div&gt; &lt;div&gt; Boslaan 10-12 &lt;/div&gt; &lt;div&gt; 2594 NB Den Haag &lt;/div&gt;  westvoorden@staatsbosbeheer.nl  &lt;span&gt; 070-3851050  &lt;/span&gt; &lt;/div&gt;  &lt;/div&gt; &lt;div&gt;     &lt;/div&gt; &lt;/div&gt; &lt;/div&gt; &lt;div&gt; &lt;div&gt; &lt;div&gt; &lt;span&gt;Mark Kras&lt;/span&gt; &lt;span&gt; Boswachter &lt;/span&gt; &lt;/div&gt; &lt;div&gt; &lt;div&gt; Boslaan 10-12 &lt;/div&gt; &lt;div&gt; 2594 NB Den Haag &lt;/div&gt;  westvoorden@staatsbosbeheer.nl  &lt;span&gt; 070-3851050  &lt;/span&gt; &lt;/div&gt;  &lt;/div&gt; &lt;div&gt;     &lt;/div&gt; &lt;/div&gt; &lt;div&gt; &lt;span&gt;Mark Kras&lt;/span&gt; &lt;span&gt; Boswachter &lt;/span&gt; &lt;/div&gt; &lt;div&gt; &lt;div&gt; Boslaan 10-12 &lt;/div&gt; &lt;div&gt; 2594 NB Den Haag &lt;/div&gt;  westvoorden@staatsbosbeheer.nl  &lt;span&gt; 070-3851050  &lt;/span&gt; &lt;/div&gt;</kontakt>
    </autor>
    <region>
        <nadrazeny>Nizozemsko</nadrazeny>
        <podrizeny></podrizeny>
    </region>
    <kategorie>
        <polozka>Zdravotnictví a nemocnice</polozka>
        <polozka>Ekologie</polozka>
        <polozka>Životní prostředí</polozka>
    </kategorie>
    <perex>Het is meer dan twintig jaar geleden dat ik ze hier zag. Vorkstaartplevieren boven de Ebrodelta. Sindsdien veranderde het landschap, veranderde de techniek en veranderde ook mijn eigen zicht.</perex>
    <text>

Ziedende snelheid
Ziedende snelheid drijft ze voort. Links hoog, rechts over het riet, voor, achter, laag! Zachtbruine vlekken vliegen rond en rond. Ongezien knappen insecten in fijngebogen zwarte snavels. Het laatste dat het facetoog van de kever ziet, is de rode lippenstift die net niet tot aan de vileine punt van de lichtgebogen klauwierensnavel reikt. Grote ogen vangen het Catalaanse zonlicht. Ze glanzen, nee, ze schitteren fel. Een felheid die het zachtbruine verenkleed logenstraft. Dit zijn rovers in het zwerk. Hun wenkbrauwen nemen het directe zonlicht van boven weg. Het zijn vogels van zuidelijke streken, waar de zon iedere dag tot grote hoogte aan de hemel reikt. In mijn verrekijker spat hun doordringende blik door de dakkantprisma&apos;s mijn ogen binnen.



Verdwijnen en verstrijken van tijd
Ik krijg een brok in mijn keel. Overvallen door emotie. Het is meer dan twintig jaar geleden dat ik ze hier voor het laatst zag. De paellarijstvelden werden toen nog afgewisseld met ruige, onbestemde vlakten. Op een zandweggetje verzamelde zich een groep. Lopend en rondvliegend omsingelden de plevieren mijn dierbare vriend Roland en mij met hun ongekende schoonheid. Nu is de Ebrodelta strak ingedeeld. Een bestemmingsplan, een vel ruitjespapier dat zijn weerslag vindt in het landschap. Al vele jaren komen we hier terug, op zoek naar de emotie van toen. Destijds was de camera geladen met diarolletjes. Nu ratelt hij een geheugenkaartje vol. Niet alleen Roland, maar ook dierbare vriend en collega Astrid helpt me bij het zien van de vele natuurpareltjes van dit gebied.Mijn ogen zijn in die jaren hard achteruitgegaan. Glaucoom en staar hebben licht weggenomen. Ik zie slechts vlekken voorbijsnellen. De camera piept als bevestiging dat er is scherpgesteld. Zou het een vorkstaartplevier zijn? Pas &apos;s avonds zie ik dat de missie is geslaagd, zie ik d details die ik hierboven beschrijf. Op mijn laptop verschijnen beeld na beeld. Van de honderden foto&apos;s zijn er enkele haarscherp. Ze tonen de prachtige tekening van de kop. Die zwarte lijn, als een traan druipend over de wang van de vogel. Een traan die zich weerspiegelt in het verdriet dat mijn gezichtsverlies met zich meebrengt.



Vogels en hun vlucht
Vorkstaartplevieren zijn familie van onze weidevogel de kievit en van de pionier van menig nieuw ingericht slikgebied: de kleine plevier. Kieviten zijn iedere lente een vreugde wanneer zij hun duikvluchten maken boven de Hollandse weiden. Ook kleine plevieren hebben me verrukt met hun baltsvluchten boven de duinen van Nationaal Park Hollandse Duinen. Maar wat vorkstaartplevieren presteren, heeft mijn dromen twintig jaar lang gevuld. Ze doen me denken aan de vermetele jagers van het Schotse Handa Island.

Verlies en landschapspijn
Dat we de vorkstaartplevieren twintig jaar lang niet hebben gezien, is geen toeval. Hun broedaantallen fluctueren nogal. Gelukkig neemt hun aantal in Spanje wat toe en worden inmiddels ook tientallen broedgevallen in de Franse Camargue gemeld. Triest is dat hun aantallen in Oost-Europa en het Midden-Oosten juist achteruitgaan. In Israël met name door intensivering van landgebruik en het gebruik van pesticiden. Het zou me verbazen als het ruitjespapier dat over de Ebrodelta is gelegd niet óók een oorzaak is van de moeite die we de afgelopen jaren hadden om ze terug te vinden.
Vliegen en een vrije blik op de horizon
Vorkstaartplevieren houden van open vlaktes, liefst met schaarse begroeiing en wat vee. Met de snelheid waarmee ze over ons heen scheren, kan ik me voorstellen dat je tijdens de jacht op kevers niet zit te wachten op een plots opdoemende boom of een metershoog rotsblok. Die voorliefde voor open vlaktes is kenmerkend voor plevieren. Ze houden graag zicht op hun omgeving. De vier eieren van een vorkstaartplevier liggen in een ondiep kuiltje op vrijwel kale grond, met de punten naar elkaar gericht, lees ik in de app BWP (Birds of the Western Palearctic) van uitgever Nature Guides. Opnieuw komt de vergelijking met onze kievit bij me boven. Die legt zijn eieren immers ook in een open veld, zonder noemenswaardige zorg en dekking.

 



Vrij zicht op de omgeving
Toen ik hier twintig jaar geleden stond, was mijn zicht nog uitzonderlijk goed. Met groot gemak spotte ik op grote afstand bijzondere vogels of vond ik een klein insect tussen een wirwar van takken en twijgen. De laatste tien jaar sloopte een te hoge oogdruk mijn netvlies. Oogzenuw voor oogzenuw, kegeltje voor kegeltje, staafje voor staafje. Op het moment dat ik hier in de Ebrodelta sta, heb ik al drie oogoperaties achter de rug en jaren van medicijngebruik. Na de operaties is ook staar ingetreden en is een sluier over mijn waarneming van alles om mij heen komen te liggen.In mijn hoofd bereid ik me al jaren voor op de dag dat ik nauwelijks meer kan zien. Nu, hier in mijn geliefde Spanje, dienen mijn dierbare vrienden Astrid en Roland als mijn ogen. Zij roepen mij aanwijzingen toe. Mijn camera maakt zichtbaar wat mijn ogen zonder hulp nauwelijks zien. Voor vogels op een tak, hek of stengel kan ik vaak nog ter plekke herkennen. Deze ziedend rondvliegende vorkstaartplevieren zal ik pas die avond echt zien.

Verlossing en een traan
Twee dagen na onze terugkeer uit Spanje onderga ik aan mijn beste oog, het rechteroog, een staaroperatie. Er bestaat een klein risico dat tijdens de ingreep de laatste oogzenuwen afsterven. Als ik mijn oog open, zie ik geen zwart maar het wit van mijn oogkapje. Ik slaak een zucht van verlichting.Als het beschermende kapje afgaat, weet ik niet wat ik zie. Vanuit het keukenraam zie ik de voegen tussen de stenen van de huizen aan de overkant. Ik lees de kentekens van geparkeerde auto&apos;s en op de nok van een dak zit een zwarte kraai. Haar oog glinstert in de zon. Tranen lopen over mijn wangen.
Verbonden met de toekomst
Zien wat er in je omgeving gebeurt is essentieel. Niet alleen voor het waarnemen van gevaar in het verkeer, van wonderschone natuur en bovenal van dierbaren maar ook van ontwikkelingen in onze wereld. Ooit schreef ik over de parallellen tussen de achteruitgang van mijn ogen en de achteruitgang van de soortenrijkdom in onze wereld. Nu hoop ik dat we in staat zullen zijn om, net als mijn oogarts, de sluier van kortzichtig winstbejag weg te trekken en aan de slag te gaan met het behoud van die geweldige natuur waarmee we onlosmakelijk verbonden zijn en waarvan we zo afhankelijk zijn. Ook in Nederland vraagt dat om ruimte voor natuur en open landschappen, zodat vogels, insecten en andere soorten kunnen blijven gedijen.
Verwondering en hoop
Een onderzoeker in Nijmegen ontdekte dat oogzenuwen in het oog van het zebravisje zich kunnen herstellen. Kennis die misschien ooit oogpatiënten zoals ik zal genezen. Wat als het zebravisje door ons toedoen al was uitgestorven, zoals al duizenden soorten sinds onze verslaving aan fossiele grondstoffen zo&apos;n enorme vlucht nam?
https://www.staatsbosbeheer.nl/wat-we-doen/nieuws/2026/10/vorkstaartplevieren-een-traan-en-het-belang-van-zien

</text>
</tiskova_zprava>
