Een maand na de aardbeving in Colombia: mensen vinden kracht in elkaar 10.9.2026 | Het Nederlandse Rode Kruis Een maand na de zware aardbeving in het westen van Colombia zijn de gevolgen nog altijd zichtbaar. Ruim 200.000 woningen raakten beschadigd of verwoest, scholen en gezondheidscentra liepen schade op en veel gemeenschappen hebben nog steeds moeite om aan schoon drinkwater te komen. Maar tussen alle schade en onzekerheid ziet Rode Kruis-collega Johannes Chinchilla ook iets anders. Terwijl hij de hulpverlening in de getroffen gebieden volgt en vastlegt, valt hem vooral één ding op: de veerkracht van de mensen. “Wat mij het meest bijblijft, is hoe georganiseerd gemeenschappen zijn”, vertelt Johannes vanuit Colombia. “Mensen wachten niet af tot hulp arriveert. Buren vangen elkaar op, delen voedsel en zoeken samen naar oplossingen. Die saamhorigheid zie je overal terug.” Een vrijwilliger van het Colombiaanse Rode Kruis deelt hulpgoederen uit aan een gezin dat is getroffen door de aardbeving. Gevolgen verspreid over een enorm gebied De aardbeving trof een uitgestrekt gebied waar de schade verspreid is over honderden dorpen en kleine steden. Juist daardoor zijn de gevolgen minder zichtbaar dan wanneer één stad volledig verwoest raakt. “Je ziet niet overal ingestorte gebouwen, maar dat betekent niet dat de impact beperkt is”, legt Johannes uit. “Veel woningen zijn onbewoonbaar geworden. Gezondheidscentra functioneren niet meer zoals voorheen en op verschillende plekken is de toegang tot schoon drinkwater weggevallen.” Vooral in de provincie Chocó, een van de armste regio’s van Colombia, zijn de gevolgen sterk voelbaar. Wegen zijn beschadigd en de medische voorzieningen waren hier al beperkt voordat de aardbeving plaatsvond. Hulp op plekken waar bijna niemand komt In Chocó ondersteunde het Rode Kruis verschillende gemeenschappen met medische zorg, psychosociale ondersteuning en noodhulpgoederen. Teams deelden voedsel, hygiënepakketten, matrassen, slaapmaterialen en waterfilters uit. Volgens Johannes hebben veel mensen hun huis verlaten uit angst voor naschokken. Sommigen slapen onder geïmproviseerde afdakjes of bij familie en buren. “Kinderen zijn nog steeds bezig met wat er is gebeurd”, vertelt hij. “Zelfs weken later kunnen harde geluiden angst oproepen. Daarom is psychosociale hulp minstens zo belangrijk als het uitdelen van goederen.” Juist ziet hij juist in deze moeilijke omstandigheden hoe sterk de gemeenschappen zijn. “Overal zie je mensen samenwerken. Gemeenschappen organiseren zichzelf, brengen behoeften in kaart en zorgen voor elkaar. Dat maakt een enorm verschil.” Met spel en activiteiten biedt het Rode Kruis kinderen psychosociale steun na de aardbeving Zelf hard getroffen, maar toch anderen helpen Die mentaliteit ziet Johannes ook terug bij de vrijwilligers van het Colombiaanse Rode Kruis. Twee van hen zijn Vanessa en haar zus Marlyn uit Quibdó. Toen de aardbeving plaatsvond, rende Vanessa direct naar huis om haar familie te zoeken. Daar trof ze de woning waarin ze was opgegroeid in puin aan. Haar ouders hadden het overleefd. Voor Vanessa was dat het belangrijkste. “Materiële dingen kun je vervangen”, zegt ze. “Zolang mijn familie veilig was, was dat wat telde.” Toch kon ze niet meteen haar Rode Kruis-uniform aantrekken om haar gemeenschap te helpen. Haar vader had zorg nodig, haar moeder had zoveel verdriet dat ze nauwelijks at of sliep en het gezin had geen plek meer om te wonen. “Er was niemand anders die hen kon helpen”, vertelt Vanessa. Pas toen de situatie thuis iets stabieler werd, trok ze het uniform aan dat onder het puin vandaan was gehaald en meldde ze zich bij het Rode Kruis. Voor Johannes staat haar verhaal symbool voor de kracht die hij overal ziet. “Vrijwilligers zoals Vanessa laten zien wat solidariteit betekent. Ze zijn zelf getroffen, maar denken toch aan anderen.” Vrijwilliger Vanessa helpt bij het uitdelen van noodhulp aan getroffen gezinnen in Chocó “Ik weet dat alles beter wordt” Vanessa’s zus Marlyn, vrijwilliger én bijna afgestudeerd verpleegkundige, maakte de aardbeving van een afstand mee. Terwijl ze aan het werk was in een ziekenhuis had ze urenlang geen contact met haar familie. “Ik was aan het huilen terwijl ik patiënten verzorgde”, vertelt Marlyn. “Maar ik moest sterk blijven voor de mensen die mij nodig hadden.” Zodra ze kon, ging ze terug naar huis, pakte ze haar Rode Kruisuniform en sloot ze zich aan bij de hulpverlening. Hun woning is nog altijd niet hersteld. Toch overheerst bij haar het vertrouwen in de toekomst. “Ik weet dat alles beter wordt”, zegt Marlyn. “Ik weet niet hoelang het duurt, maar het wordt beter.” Zussen Marlyn (links) en Vanessa zetten zich als vrijwilligers in voor hun gemeenschap na de aardbeving. Samen werken aan herstel Ook de komende maanden blijft het Rode Kruis aanwezig in de getroffen gebieden. Naast noodhulp verschuift de aandacht geleidelijk naar herstel en wederopbouw. Daarbij speelt de betrokkenheid van lokale vrijwilligers en gemeenschappen een sleutelrol. Voor Johannes is dat precies wat hoop geeft in een situatie die voor velen nog altijd moeilijk is. “De gevolgen van de aardbeving zijn groot en zullen nog lang voelbaar blijven. Maar overal zie ik mensen die elkaar ondersteunen en samen vooruit proberen te komen. Dat geeft vertrouwen voor de periode die nu volgt.” https://www.rodekruis.nl/nieuwsbericht/een-maand-na-de-aardbeving-in-colombia-mensen-vinden-kracht-in-elkaar